uploadReceiptLabel
Product
Invalid Date

Plantaardig eten: voordelen, risico’s en het verschil tussen vega & vegan

Leestijd: 6 minuten

Steeds meer mensen kiezen ervoor om minder vlees en andere dierlijke producten te eten. Waar een maaltijd vroeger meestal draaide om vlees, kiest men tegenwoordig vaker bewust voor groenten, peulvruchten en plantaardige alternatieven. Sommigen doen dit voor hun gezondheid, anderen willen dierenleed verminderen of bijdragen aan een beter milieu. Als je je verdiept in deze manier van eten, zie je vaak twee termen voorbijkomen: vegetarisch en veganistisch. Hoewel deze woorden vaak door elkaar worden gebruikt, betekenen ze niet hetzelfde.

Een vegetariër eet geen producten waarvoor een dier is gedood. Dat betekent dat een vegetariër geen vlees, vis en gevogelte eet. Wel eet en gebruikt een vegetariër meestal nog producten die van levende dieren komen. Denk hierbij aan melk, kaas, eieren en honing. Een veganist gaat een grote stap verder. Veganisme is vaak niet alleen een dieet, maar een complete levenswijze. Veganisten eten helemaal geen dierlijke producten. Dus ook geen zuivel, eieren of honing. Daarnaast dragen zij vaak geen kleding van wol of leer en gebruiken ze geen verzorgingsproducten waarvoor dierproeven zijn gedaan.


Voordelen van een plantaardig dieet

Het eten van meer planten heeft veel voordelen voor je lichaam. Mensen die vooral plantaardig eten, krijgen over het algemeen meer vezels, vitaminen en mineralen binnen. Dit komt doordat hun menu voor een groot deel bestaat uit groenten, fruit, volkoren producten, peulvruchten en noten. Wetenschappers geven aan dat deze manier van eten de kans op ziektes aan het hart en de bloedvaten verlaagt. Ook helpt het beter om een gezond gewicht te behouden en zorgt het voor een stabielere bloedsuikerspiegel, wat de kans op suikerziekte kleiner maakt.

Naast de voordelen voor het eigen lichaam heeft een plantaardig dieet een grote positieve invloed op de wereld. De productie van vlees en zuivel kost namelijk heel veel water, grond en energie. Door direct planten te eten in plaats van die planten eerst aan vee te voeren, besparen we veel kostbare grondstoffen. Ook komen er bij het houden van dieren veel gassen vrij die slecht zijn voor het klimaat. Minder dierlijke producten eten helpt dus direct om de uitstoot van deze gassen te verminderen.

De risico’s van een plantaardig dieet

Maar er zijn beslist ook risico's verbonden aan een volledig plantaardig dieet. Het grootste is een tekort aan bepaalde voedingsstoffen die ons lichaam hard nodig heeft. De belangrijkste hiervan is vitamine B12, nodig voor het gezond houden van het zenuwstelsel. Het helpt bij de aanmaak van myeline, een beschermend laagje rondom de zenuwen dat ervoor zorgt dat signalen snel en goed worden doorgegeven. Daarnaast werkt B12 nauw samen met foliumzuur (vitamine B11) om rode bloedcellen aan te maken. Deze cellen zijn nodig om zuurstof door het hele lichaam te vervoeren. Tot slot is de vitamine belangrijk voor de opbouw van je DNA, de genetische code in al onze cellen.

Planten, struiken en bomen kunnen geen vitamine B12 maken. Dieren kunnen dit zelf trouwens ook niet. De vitamine wordt in de natuur uitsluitend gemaakt door bepaalde bacteriën. Dieren krijgen deze bacteriën binnen via hun voedsel, bijvoorbeeld door gras te eten waar nog restjes grond aan zitten, of via bacteriegroei in hun eigen maag. Hierdoor slaat de vitamine zich op in dierlijke producten. Voor mensen zijn de belangrijkste natuurlijke bronnen daarom vlees, vis, eieren, melk en kaas. Tegenwoordig zijn er wel plantaardige producten te koop waar vitamine B12 in de fabriek aan is toegevoegd. Ook kun je kiezen voor supplementen in de vorm van een tabletje.


Ons lichaam is heel slim en bouwt een grote voorraad vitamine B12 op in de lever. Als je stopt met het eten van dierlijke producten, duurt het vaak maanden tot zelfs een paar jaar voordat deze reserve helemaal leeg is. Maar als de voorraad eenmaal op is en er ontstaat een tekort, dan kun je last krijgen van verschillende klachten, waaronder extreme vermoeidheid en een slap gevoel, wat komt door bloedarmoede. Omdat ook de zenuwen minder goed gaan werken, kun je last krijgen van tintelingen in de vingers en tenen, geheugenproblemen of een minder goede coördinatie. Een langdurig tekort kan de zenuwen blijvend beschadigen, waardoor op tijd ingrijpen met supplementen erg belangrijk is.

Een ander aandachtspunt is ijzer. Dit mineraal zit wel in planten, maar ons lichaam neemt het minder gemakkelijk op dan het ijzer uit vlees. Het helpt wel om bij de maaltijd iets met vitamine C te eten of te drinken, zoals een sinaasappel, omdat dit de opname van ijzer verbetert. Ook moeten plantaardige eters goed opletten dat ze genoeg eiwitten, calcium en omega-3 vetzuren binnenkrijgen. Dit vraagt in het begin om wat uitzoekwerk en planning in de keuken.

Tot slot

Als je wilt beginnen met plantaardig eten, is het verstandig om dit stap voor stap te doen. Je kunt bijvoorbeeld beginnen met een paar vleesloze dagen per week om te wennen aan nieuwe smaken en recepten. Het is vooral belangrijk om dierlijke producten te vervangen door volwaardige plantaardige alternatieven, zoals linzen, bonen en tofu en niet alleen door kant-en-klare vleesvervangers uit de supermarkt die vaak veel zout bevatten. Door gevarieerd te eten en eventueel de juiste supplementen te gebruiken, kan een plantaardig dieet een heel gezonde en duurzame keuze zijn voor de toekomst.

Vegetarisch, plantaardig dieet, B12, minder vlees
Deel dit artikel via: